Nog voordat het klimaat hip was scheidde ik mijn afval, reisde met de trein, ruimde hondenpoep op en fietste kilometers om naar een schimmelig griebuswinkeltje waar ecover-schoonmaakmiddelen werden verkocht. Lag er glas op mijn stoep, dan pakte ik stoffer en blik en haalde het weg. Legde een straattuintje aan, veegde sneeuw van de stoep indien nodig, belde de politie als ik onverlaten bij een school zag inbreken of drugs dealen, betaalde belasting op tijd, dat soort dingen. Een brave burger.
Helaas, het is over met mijn brave burgerschap. Op wandelpaden word ik ondersteboven gereden door fietsers en auto’s. Om 2 uur ’s nachts in de vrieskou bekeurd omdat mijn hond los naast me loopt (en bij de stoeprand netjes gaat zitten). Voor hoer uitgemaakt door medelanders (reactie van de politie: ‘daar moet u maar mee leren leven’). Wel bekeurd voor een loslopende hond, maar geen handhaver die zich vertoont als ik in de duinen word lastig gevallen door een opdringerige vent, of bijna doodgereden door iets gemotoriseerds wat over de groenpaden crosst. Jaarlijks aangeslagen voor honderden euro’s hondenbelasting waarmee niets gedaan wordt ten behoeve van honden. Ik mag met mijn hond het strand niet meer op, en als ik naar het stukje strand ga waar dat wel mag loop ik het risico dat een snelheidsmaniak van het handhavingsteam mijn geliefde dier doodrijdt. Daar moet ik dan ook maar mee leren leven. Net als met de tonnen en tonnen afval op het strand waarvoor niemand betaalt. Loop ik daar met mijn plastic zakje met een hondendrol braaf te wezen, tussen de glasscherven, bierblikjes en vieze luiers.
Het is goed, ik zal ermee leren leven, maar van een brave burger ben ik een boze burger geworden. Ik maak mijn stoep niet meer schoon. Ligt er afval van anderen, dan trap ik het de straat op. Zo, probleem van de gemeente, de groeten. Ik ben opgehouden met afval scheiden; papier, plastic, glas, gft, het zal mij een zorg zijn, het gaat allemaal in dezelfde bak. De gemeente zoekt het –letterlijk – zelf maar uit. Ik ga niet meer aan de kant voor fietsers op het wandelpad, ze vallen maar in de brandnetels. Sneeuw laat ik liggen, en belasting betaal ik op de uiterste datum of liever nog te laat. Laat die overheid maar geld verspillen aan nutteloze brieven. Het sanitair wordt weer lekker met chloor gepoetst. Die natuurfanaten pesten mij en mijn hond weg uit het groen, dat is blijkbaar hun goed recht, maar dan houd ik ook op met groen doen. En inderdaad, hondenpoep ruim ik ook niet meer op. Ik deed het wel toen het nog niet hoefde. Daarvoor ben ik bestraft met onredelijkheid en onrechtvaardigheid. Dat is een keuze van deze overheid. Hun opstelling heeft een einde gemaakt aan mijn bestaan als brave burger. Ik ben een boze burger geworden en ik werk dus niet meer mee. Gemeente, bedankt!
Neuh, die poep die ruim ik nog wel op, maar iedereen die mij de weg vraagt stuur ik de verkeerde kant op.
BeantwoordenVerwijderenHaha, dit is een grappig stukje. Ook ik was/ben een brave burger. Daarmee ben ik tevens een makkelijke prooi voor de handhavers. Die bekeuren niet in de schilderswijk, maar wel in een keurige buurt waar de mensen braaf zijn en gezagsgetrouw.
BeantwoordenVerwijderenHet wordt mij soms ook bang te moe. Ik scheid glas, papier, tuinafval en noem maar op en voor mijn noeste arbeid krijg ik een bekeuring als mijn hond losloopt.